Cocido de Subachoque
Rundvlees, varkensvlees, chorizo, Andesknollen en maïs garen langzaam in een royale cocido uit Cundinamarca, met warme tomaat-kaas-hogo erbij.
Cocido de Subachoque is een berggerecht dat is vastgelegd voor Subachoque in het departement Cundinamarca. Verschillende vleessoorten sudderen lang met deksel op de pan, samen met chuguas, cubios, doperwten, tuinbonen, twee soorten aardappel en maïs. Het kookboek van het ministerie serveert er warme hogo bij: een saus van bosui, tomaat, melk en verse witte kaas. Schep de vaste ingrediënten op een schaal en geef er wat kookvocht bij.
Dit gerecht verschilt van de vleesloze Cocido campesino uit het nabijgelegen Nemocón. Beide bevatten Andesknollen, maar de versie uit Subachoque heeft ook rundvlees, varkensvlees, ribben, buikspek en chorizo. Ook de volgorde is kenmerkend: ribben, spek, chuguas en erwten gaan eerst in de pan. De andere ingrediënten volgen met tussenpozen, zodat het vlees mals wordt en de aardappelen niet tegelijk uit elkaar vallen.
Neem voldoende tijd voor het langzaam garen en de laatste rusttijd. Gebruik een ruime pan met plaats voor de ingrediënten die later worden toegevoegd en snijd vlees en aardappelen gelijkmatig. Verse rauwe varkenschorizo moet volledig gaar worden; controleer het midden met een thermometer. Maak de hogo apart en schep die op de porties in plaats van hem door de hele pan te roeren. Zo blijft de romige, hartige saus herkenbaar naast de bouillon.


