Papa a la huancaína met queso fresco en ají amarillo
Bij papa a la huancaína worden aardappelen geserveerd met een gele, gladde kaassaus. Queso fresco, een milde verse kaas, geeft de saus body; ají amarillo zorgt voor een eigen Peruaans peperaroma en kleur. Ei, olijven en sla maken de koude schaal herkenbaar. De naam mag niet worden opgevat als bewijs voor één onveranderlijke herkomst of bereidingswijze.
Voor deze saus worden rode ui en ontpitte ají amarillo kort zacht gebakken. Daarna gaan ze met de gebruikte olie, gepasteuriseerde queso fresco en koffiemelk in de blender. Zo ontstaat een samenhangende crème die op de aardappelschijven blijft liggen. Te natte kaas kan de saus dun maken; laat die daarom uitlekken voordat je gaat pureren.
Kook de aardappelen heel en laat ze pas na het koken afkoelen. De plakken houden dan beter hun vorm. Houd de versekaassaus en de aardappelen gescheiden in de koelkast en assembleer vlak voor het serveren. Omdat de saus zuivel bevat, mag hij niet lang op kamertemperatuur staan.


