Wicyński barszcz chrzanowy (Poolse koude bietensoep met mierikswortel)
Inleiding: Wicyński barszcz chrzanowy is een dikke, koude paassoep met een lichtroze kleur, de pittige smaak van verse mierikswortel, het zure van gefermenteerde biet en de rokerige geur van bouillon. Het Poolse register van traditionele producten beschrijft de soep als troebel en fluweelzacht, soms met kleine stukjes. Serveer haar koud; het is geen heldere, warme bietensoep.
Het gerecht is verbonden met Wicyń, het huidige Smerekiwka in Oekraïne, en met de nakomelingen van mensen die na de Tweede Wereldoorlog werden verdreven en de paastraditie in West-Polen voortzetten, onder meer in Nowa Wieś Głubczycka in het woiwodschap Opole. Volgens het register van het Poolse ministerie van Landbouw werd de soep in Wicyń al in de jaren dertig gemaakt, mogelijk eerder. De naam verwijst hier naar de voedseltraditie van een specifieke gemeenschap, niet naar willekeurige Poolse of Russische mierikswortelsoep.
De beschreven werkwijze begint met bietenzuur dat tijdens de vastentijd wordt gemaakt. Ongeveer drie weken later wordt bouillon van gerookt vlees bereid en gebonden met losgeklopte eieren, zure room en tarwebloem. Versgeraspte mierikswortel gaat er in twee porties bij; daarna koelt de barszcz af voor de paastafel. Deze thuisversie met afgewogen hoeveelheden volgt die volgorde en wordt geserveerd met de genoemde bijgerechten: hardgekookte eieren, gerookt varkensvlees en brood.


