Klepacze — Kujawische aardappelkoekjes op fajerki
Kleine, dunne aardappelkoekjes uit Kujawy, traditioneel rechtstreeks gebakken op de ijzeren ringen of plaat van een kolenfornuis. Deze thuisversie gebruikt een droge gietijzeren pan, zonder toegevoegde olie.
Klepacze zijn koekjes van geraspte aardappel uit Kujawy, een streek in Noord- en Midden-Polen. Verwante lokale namen, zoals chlastoki, zijn ook opgetekend. De Poolse lijst van traditionele producten registreert het gerecht voor de woiwodschap Koejavië-Pommeren en beschrijft kleine, platte koekjes van ongeveer 10 cm: goudgeel, met enkele donkerdere roosterplekken, en compact maar soepel vanbinnen.
Het traditionele bakoppervlak was de schone ijzeren plaat of de ringen van een kolenfornuis, fajerki genoemd. De officiële beschrijving noemt een eenvoudige basis van geraspte aardappel, een beetje zout, geraspte ui en roggemeel. Er staat bij dat een steviger beslag met meer meel minder aan de plaat bleef kleven en zich zonder scheuren liet omdraaien. Het kleine formaat maakte ze ook makkelijker te hanteren. Deze streekkoekjes worden droog gebakken, zonder toegevoegd vet.
De meeste moderne keukens hebben geen kolenfornuis met fajerki meer. Deze afgewogen thuisversie behoudt de directe, vetvrije bakmethode met een schone, goed ingebakken gietijzeren pan. Er zit geen ei, zuivel of toegevoegde olie in. Bak de koekjes tot ze stevig en buigzaam zijn, met een goudbruine bovenkant en enkele donkere roosterplekjes. De hoeveelheden maken het recept herhaalbaar; het is geen bewering dat dit de enige historische formule of het recept van een specifieke geregistreerde producent is.


