Pastis gascon met handuitgerekt deeg, appels en Armagnac
Pastis gascon is een gebak en niet de anijsdrank die dezelfde naam draagt. In de Gers wordt het ook croustade genoemd. De bepalende techniek is een handuitgerekt deeg dat bijna transparant wordt voordat het losjes en onregelmatig rond appels wordt gevouwen. Over het grootste deel van het vel moet de doek eronder door het deeg heen zichtbaar zijn.
Uitrekken gaat veiliger en gelijkmatiger met twee personen aan weerszijden van een grote, stabiele tafel. Het deeg wordt ongeveer 10 minuten gekneed, vervolgens een volledig uur gerust en daarna van onderaf met vlakke handen uitgerekt in plaats van met vingertoppen te knijpen. Kleine scheurtjes kunnen worden gerepareerd; onvoldoende gerust deeg forceren geeft juist grotere scheuren. De appels worden dun gesneden en de deeglagen blijven los, zodat stoom kan ontsnappen en de randen kunnen uitdrogen.
De Armagnac wordt afgemeten en niet vrij over het gebak gegoten. Bij de voedingswaarde wordt evenmin aangenomen dat alle alcohol tijdens het bakken verdwijnt. Het gebak is klaar wanneer de bovenste lagen amberkleurig en krokant zijn en de appels mals zijn. Daarna rust het 30 minuten zodat het fruitsap zich kan zetten. Kant-en-klare filodeegvellen kunnen voor een praktische variant laagjes geven, maar vervangen de handuitgerekte structuur niet.


