Ceviche met cojinova, zoete aardappel en geroosterde Peruaanse maïs
Dit gerecht is een praktische cevichevariant met een verwijzing naar Rímac, een wijk van Lima. De nadruk ligt op een herkenbare combinatie van Peruaanse producten, niet op een claim dat deze exacte bereiding een zelfstandige historische naam heeft. Het bord wordt opgebouwd uit gekoelde rauwe vis en eerder bereide bijgerechten.
Cojinova is de witte vis die hier wordt gebruikt. Met limoensap, ají limo en rode ui krijgt hij zijn frisse, scherpe smaak. Camote, de Peruaanse zoete aardappel, komt er gekookt en afgekoeld naast. De droge, al geroosterde cancha-maïs geeft een stevige crunch die in de zure marinade verloren zou gaan.
Door eerst de camote klaar te maken, hoeft de vis niet te wachten op een warm bijgerecht. Snijd cojinova op het laatste moment in gelijkmatige blokjes en meng rustig zodat het visvlees heel blijft. Gebruik uitsluitend vis die voor rauwe consumptie en voor parasietenbeheersing is gecontroleerd; limoensap is daarvoor geen alternatief.


