Pissaladière – Niçoise uientaart met ansjovis en zwarte olijven
Pissaladière is nauw verbonden met Nice en de Niçoise keuken. De naam wordt ook in Nederlandstalige receptpublicaties als Franse naam gebruikt, en dat is zinvol: het gerecht is geen gewone pizza. De basis is een met olijfolie verrijkt gistdeeg, bedekt met veel langzaam gegaarde ui, ansjovis en zwarte olijven. Tomatensaus, kaas en eivulling horen niet in deze versie.
Het deeg heeft een hydratatie van 60%: 400 g bloem op 240 ml water, met verse bakkersgist, zout en olijfolie. Na acht minuten kneden en in totaal twaalf minuten werk aan het deeg rijst het negentig minuten op warme kamertemperatuur tot ongeveer dubbel volume. Die luchtige broodstructuur is nodig om de zware uienlaag te dragen.
De uien krijgen ondertussen hun eigen langzame traject. Anderhalve kilo ui wordt eerst vijfentwintig minuten afgedekt met olie, knoflook en kruiden zachtgemaakt en daarna nog twintig minuten zonder deksel ingekookt. De uien moeten bleek, zacht en zoet ruiken, niet gebakken of gekaramelliseerd. Vrij vocht moet grotendeels weg zijn voordat ze op het deeg gaan.
Na beleggen met gekoelde ansjovis en ontpitte zwarte olijven bakt de pissaladière twintig minuten op 200 °C. De randen horen goud te zijn en de onderkant volledig gaar, terwijl de ui zacht blijft. Vijftien minuten afkoelen op de plaat maakt de bodem stevig genoeg om twaalf nette stukken te snijden.


