Clafoutis aux cerises — kersenclafoutis uit de Limousin
In de Limousin is clafoutis in de eerste plaats een dessert met kersen: het fruit ligt in een eenvoudig beslag dat bakt tot iets tussen flan en zachte cake. Door de bloem krijgt het meer structuur dan een pure custard, maar het midden hoort mals te blijven en niet broodachtig te worden.
De discussie over kersenpitten hoort bij de traditie, omdat oudere versies het fruit vaak heel bakken. In dit uitvoerbare recept worden de kersen vóór het wegen ontpit. Dat neemt het verstikkings- en gebitsrisico van pitten weg en maakt iedere portie voorspelbaar. Omdat ontpitten extra sap kan vrijmaken, worden de kersen daarna goed uitgelekt en droog gedept.
De schaal is technisch belangrijk. Een ondiepe keramische schaal van 26 cm geeft in ongeveer 40 minuten op 180 °C een gelijkmatige, zachte stolling. De rand moet opgeblazen en lichtbruin zijn en het midden mag nog slechts een beetje trillen. Daarnaast moet de kern minstens 71 °C bereiken voor de veiligheid van het eibeslag. De afkoeltijd hoort bij de gewenste textuur en is geen overbodige wachttijd.


