Salpicón de cachúa — visstoof uit La Guajira
Malse vis in een oranje saus met groenten, achiote en azijn
In Riohacha, in het Colombiaanse departement La Guajira, is salpicón de pescado-cachúa een bereid visgerecht: de vis wordt zacht gegaard, in vlokken verdeeld en met een gekruide groentesaus gemengd. ‘Salpicón’ betekent hier geen rauwe salade of fruitdrank. De nationale inventaris van traditionele Colombiaanse keukens noemt cachúa met bosui, rode ui, koriander, knoflook, paprika, ají dulce, azijn, achiote, mayonaise en kant-en-klare sauzen. Een regionale culinaire beschrijving vermeldt ook vis die in gezouten water wordt gegaard, uit elkaar wordt gehaald en kort wordt gestoofd met gehakte groenten die in achioteolie zacht zijn gebakken.
Het gepubliceerde huishoudrecept gebruikt hoeveelheden voor een grote groep, die niet eenvoudig evenredig zijn terug te rekenen. Deze afgewogen versie voor vier personen is daarom een praktische thuisaanpassing. De beschreven ingrediënten en het verschil tussen gehakte en gemalen groenten blijven behouden, terwijl de hoeveelheden geschikt zijn gemaakt voor een kleine pan. De naam cachúa blijft staan als gangbare marktnaam; de precieze vissoort kan verschillen, dus er wordt geen wetenschappelijke soortnaam toegekend. Koop verse vis die goed gekoeld is gebleven en gooi vis met een onaangename of zure geur weg. Azijn geeft smaak, maar maakt bedorven vis niet veilig.
De saus hoort hartig en licht zuur te zijn, met een zachte zoetheid van ají dulce en de warme oranje kleur van achiote. Kant-en-klare sauzen en mayonaise bevatten al zout. Proef daarom voordat je de volledige afgewogen hoeveelheid zout toevoegt. Serveer heet met maïsarepa’s of rijst. De arepa’s zijn optioneel en niet meegenomen in de voedingsberekening.

