Tarte flambée (Flammekueche) — flinterdunne Elzasser taart met ui en lardons
Tarte flambée is geen pizza met een andere topping. De Elzasser basis is veel dunner: een soepel tarwedeeg wordt uitgerold tot ongeveer 1 mm, zonder dikke broodachtige rand. Daarop komt een dunne laag fromage blanc en crème fraîche, gevolgd door fijne ui en lardons. Het deeg rust slechts kort, net lang genoeg om de gluten te ontspannen zodat het bijna papierdun kan worden uitgerold.
Ook de hitte bepaalt het gerecht. Een baksteen of bakstaal wordt tijdens de rusttijd volledig op 250 °C gebracht. Daardoor krijgt de bodem snel kleur en krokantheid voordat de zuivellaag uitdroogt. De lardons worden vooraf kort uitgebakken zodat een deel van het vet vrijkomt en het dikste stukje al 71 °C bereikt. De dun gesneden ui kan daarna in dezelfde korte oventijd zacht worden.
De afgewerkte tarte moet drie eigenschappen tegelijk hebben: een krokante onderzijde, geblakerde bruine randen en een midden dat gezet maar nog romig is. Een dikke bodem, een zware laag zuivel of geraspte kaas zou het gerecht richting pizza of kaastaart duwen. Serveer daarom direct; zodra de tarte blijft staan, verdwijnt het contrast tussen droge bodem en zachte topping snel.


