Franse recepten

Cramique

Een rijk gistbrood uit Noord-Frankrijk en de Vlaamse grensstreek, met boter, ei en rozijnen, opgebouwd via twee lange rijsfasen en gebakken tot een diep goudbruine, veerkrachtige kruim.

Franse recepten
Delen
Cramique — gerangschikt op een plank
Voorbereidingstijd 38 minuten
Bereidingstijd 30 minuten
Totale tijd 493 minuten
Opbrengst 1 brood, 12 sneetjes
Inleiding en achtergrond

Cramique — Noord-Frans briochebrood met rozijnen

Cramique hoort bij de traditie van verrijkt gistbrood in Noord-Frankrijk en de Vlaamse grensstreek. Het is rijker dan gewoon rozijnenbrood en briocheachtig van structuur, maar het blijft een brood en geen cake. Deze versie wordt in één rechthoekige vorm van 20 × 10 × 10 cm gebakken, zodat de vorm en het aantal van precies 12 sneetjes vastliggen.

De rozijnen krijgen eerst 30 minuten kokend water zodat ze voller worden zonder later vocht aan het deeg te onttrekken. Daarna moeten ze zeer grondig uitlekken en droog gedept worden. Het glutennetwerk wordt opgebouwd vóór het grootste deel van de boter wordt toegevoegd. De zachte maar koele boter gaat in vier porties door het deeg, zodat het elastisch blijft in plaats van vettig te worden.

Deegtemperatuur en tijd zijn hier essentieel. Een streeftemperatuur van 24–26 °C ondersteunt de gisting zonder de boter uit het deeg te laten lekken. Na een eerste rijs van 150 minuten volgt een rust van 30 minuten, daarna nog een tweede rijs van 150 minuten tot de deegkroon ongeveer 2 cm boven de vorm uitkomt. Na 30 minuten bakken op 180 °C moet het midden ongeveer 93 °C zijn. De daaropvolgende 60 minuten afkoelen zijn deel van de methode, niet slechts een suggestie.

Succespunten

Succespunten

  • Dep de geweekte rozijnen goed droog voordat ze het deeg ingaan.
  • Ontwikkel eerst gluten en werk de boter daarna in porties in.
  • Beoordeel de rijs op volume en veerkracht, niet alleen op de klok.
  • Bak tot diep goudbruin en controleer ongeveer 93 °C in het midden.
Ingrediënten

Ingrediënten

  • 200 g tarwebloem, Franse T55-stijl of gewone tarwebloem met vergelijkbare specificatie
  • 100 g heel ei, ongeveer 2 grote eieren zonder schaal, op kamertemperatuur
  • 40 ml volle melk, lauwwarm, ongeveer 24 °C
  • 20 g fijne kristalsuiker
  • 6 g verse bakkersgist, verkruimeld
  • 4 g fijn zout
  • 80 g ongezouten boter, zacht maar koel, ongeveer 18–20 °C
  • 100 g rozijnen
  • 30 ml kokend water, voor de rozijnen; na het weken afgieten
  • 25 g losgeklopt ei, om te bestrijken
Bereiding

Bereiding

Rozijnen en deeg

  1. Maak de rozijnen voller en droog ze. Schenk 30 ml kokend water van ongeveer 100 °C over 100 g rozijnen en laat 30 minuten weken. Giet zeer goed af en dep droog. De rozijnen moeten voller zijn, maar aan de buitenkant droog genoeg om geen water in het deeg te smeren. Gooi het weekwater weg.

  2. Ontwikkel het deeg. Meng 200 g bloem, 100 g ei, 40 ml melk, 20 g suiker en 6 g verse gist 5 minuten tot er geen droge bloem meer zichtbaar is. Voeg 4 g zout toe en kneed nog 8 minuten. Richt op ongeveer 24 °C deegtemperatuur. Het deeg moet samenhangend zijn en tot een dun, doorschijnend vlies kunnen worden uitgerekt. Proef rauw bloem-eideeg niet.

  3. Werk boter en rozijnen in. Voeg 80 g boter in vier porties over 8 minuten toe. Kneed daarna nog 4 minuten tot het deeg glanst en elastisch is en werk de droge rozijnen in 2 minuten gelijkmatig door het deeg. Houd het deeg op 24–26 °C; wordt het warmer dan 26 °C, laat het dan kort op een koele plek staan in plaats van extra bloem toe te voegen.

  4. Geef het deeg een korte rust. Dek af en laat 5 minuten rusten bij ongeveer 24 °C. Het deeg moet ontspannen en gemakkelijker tot een gladde massa te verzamelen zijn.

Rijzen en vormen

  1. Laat de eerste rijs volledig verlopen. Dek af en laat 150 minuten rijzen bij ongeveer 24 °C. Het deeg moet ongeveer in volume verdubbelen en duidelijk luchtig aanvoelen.

  2. Laat de voorvorm ontspannen. Stort het deeg voorzichtig, druk alleen de grootste gasbellen eruit, vorm losjes tot een rol en laat 30 minuten onafgedekt rusten bij ongeveer 22–24 °C. Het deeg moet daarna kunnen worden uitgerold zonder direct sterk terug te veren.

  3. Vorm en laat een tweede keer rijzen. Maak een strakke rol en leg met de naad naar beneden in een ingevette vorm van 20 × 10 × 10 cm. Dek af en laat 150 minuten rijzen bij ongeveer 24 °C. De kroon moet ongeveer 2 cm boven de rand uitkomen en na lichte druk langzaam terugveren.

Bakken en afkoelen

  1. Bak het brood. Bestrijk met 25 g losgeklopt ei en bak 30 minuten in een voorverwarmde conventionele oven op 180 °C. Controleer het midden: ongeveer 93 °C is het streefpunt. Het brood moet diep goudbruin zijn, licht hol klinken bij tikken en stevig van structuur zijn.

  2. Laat volledig afkoelen. Haal na 5 minuten uit de vorm en laat 60 minuten op een rooster afkoelen voordat je snijdt. De kruim moet zich hebben gezet en mag bij het snijden niet samendrukken of kleverig worden.

Serveren en praktische aanwijzingen

Praktisch

Vervangingen

- Verse gist: Gebruik alleen een exact omgerekende hoeveelheid van een specifiek type droge gist wanneer een geverifieerde conversie beschikbaar is. Een ander gisttype verandert de rijssnelheid.

Problemen oplossen

Problemen oplossen

  • Boter lekt uit het deegDe boter of het deeg werd te warm. Houd tijdens het kneden 24–26 °C aan.
  • Kruim blijft dichtDe lange rijsfases zijn te vroeg gestopt. Wacht op het aangegeven volume en de trage terugvering bij lichte druk.
Voedingswaarde per portie

Voedingswaarde per portie

  • Portiegrootte1 van 12 gelijke sneetjes
  • Calorieën160 kcal
  • Koolhydraten20,4 g
  • Eiwit3,2 g
  • Vet7,0 g
  • Vezels0,9 g
  • Natrium152 mg
Allergenen en voedselveiligheid

Allergenen en voedselveiligheid

Allergeen: Gluten uit tarwe.

Allergeen: Ei.

Allergeen: Melk.

Veiligheid: Proef rauw bloem- of eideeg niet.

Veiligheid: Bak het brood volledig gaar voordat het wordt gegeten en koel op een schoon rooster.

Veiligheid: Het ei waarmee het brood is bestreken wordt volledig meegebakken.

Afsluiting

Afsluiting

  • Resultaat: Een luchtig maar rijk Noord-Frans rozijnenbrood met een goudbruine korst en zachte briocheachtige kruim.
  • Beslissende techniek: Houd de rozijnen droog en werk boter pas na de eerste glutenontwikkeling geleidelijk in.