Jagnjetina u mleku – lamsvlees met aardappel gestoofd in melk
Jagnjetina u mleku gebruikt melk niet als saus die aan het einde wordt toegevoegd, maar als de vloeistof waarin het lamsvlees eerst langzaam gaart. Deze versie combineert stukken lamschouder en rib aan het bot met gepasteuriseerde volle koemelk, wortel, knoflook, platte peterselie en aardappel. De melk reduceert tijdens het lange garen tot een bleke hartige saus rond vlees en groente en kan daarbij licht scheiden.
Melk vraagt om andere warmtebeheersing dan water of bouillon. Hard koken vergroot de kans op overkoken en vastzetten van melkeiwit aan de bodem. De pan wordt daarom geleidelijk naar een rustige pruttel gebracht. Het lamsvlees krijgt eerst ongeveer 60 minuten op laag vuur in de melk voordat de aardappelen meegaan. Zo krijgt het bindweefsel een voorsprong en blijven de grote aardappelstukken heel tijdens de latere ovenfase.
Ook hier zijn veilige kerntemperatuur en gewenste malsheid twee verschillende punten. Meet in het dikste deel van het vlees zonder het bot te raken. De kern moet minimaal 62,8 °C bereiken, maar lamschouder is dan vaak nog niet zacht genoeg. De bereiding gaat daarom verder in een afgedekte oven van 220 °C totdat de aardappelen bijna gaar zijn en een vork duidelijk makkelijker in het vlees gaat.
In de laatste 15 minuten gaat het deksel eraf bij dezelfde 220 °C. Dan kunnen blootliggende randen van aardappel en lam licht kleuren en concentreert de melksaus rond de groenten. Het doel is geen droge braadschotel: er moet voldoende vocht overblijven om het vlees bij het serveren sappig te houden. Door vlees en zuivel samen is snel koelen na de maaltijd belangrijk.