Over cantucci
De Italiaanse naam biscotti verwijst letterlijk naar de bepalende methode: deze koekjes worden twee keer gebakken. Het cantuccirecept van Visit Tuscany gebruikt eieren, suiker, bloem, wat bakpoeder, sinaasappelrasp en hele ongepelde amandelen; het deeg wordt vóór de tweede bakronde tot smalle staven gevormd.
De eerste bakronde zet de structuur vast maar hoort de binnenkant nog niet volledig uit te drogen. Na ongeveer vijf minuten afkoelen zijn de staven stevig genoeg om te snijden maar nog warm genoeg dat de korst niet bros is. Een scherp kartelmes en besliste zaagbewegingen beperken het verkruimelen rond de amandelen.
De tweede bakronde dient om te drogen. Door de plakken met het snijvlak naar beneden te leggen krijgt de binnenkruim direct hitte en ontstaat de kenmerkende harde, krokante textuur. De koekjes worden nog steviger tijdens het afkoelen, dus ze mogen goudbruin en droog uit de oven komen zonder door en door donker te zijn.
Cantucci worden vaak met Vin Santo geserveerd, maar het recept is ook zonder wijn compleet. Goed gedroogde en volledig afgekoelde koekjes blijven in een luchtdicht blik uitzonderlijk lang krokant omdat er weinig vocht in de kruim achterblijft.
Bigoli nemen tijdens het laatste omscheppen saus op. Voeg het bewaarde kookwater geleidelijk toe, niet in één keer, tot ui en olijfolie een glanzend laagje rond elke streng vormen. De pan hoort onder de pasta bijna droog te eindigen, zonder afzonderlijke olieplas.
.webp)
.webp)
.webp)
.webp)